Black kitty, bad luck.

Gisteren zijn we toegekomen in Port St Johns. Toen we incheckten in Amapondo Backpackers, hoorden we dat er de volgende dag een 5-daagse trektocht begon die eindigde in Coffee Bay. Ik had al gelezen hoe prachtig de tochten langs de ongerepte natuur waren en ik had erg veel zin om nog eens enkele dagen te hiken. Erg enthousiast schreven we ons dus in voor de wild coast hike.

‘s Avonds aten we nog een T-bone steak in het gezelschap van een zwart lief katje. Na het avondeten was er nog een laat Saint Patrick’s day feestje in de bar maar daar zijn we niet lang gebleven. De ochtend nadien moesten we al om 8uur klaarstaan voor het vertrek dus we konden wel wat slaap gebruiken.

p1020980-medium7.55 – de tent afgebroken, langs de Spar gegaan voor de lunch en nog wat extra Randen afgehaald, we waren klaar voor de hike. “Coach”, onze gids, leidde ons langs de kust van Port St Johns, door de dichtbeboste heuvels naar een Xhosa-dorpje dat op zo’n 5 kilometer lag van St Johns. Erg fijn om door te lopen. Wit gesmeerde gezichten* staarden ons vriendelijk aan. De appelblauwzeegroene en roze huisjes wisselden elkaar af. Ezels, koeien, schapen, geiten en honden bevolkten de kiezelweggetjes. Na een serieuze klim door het binnenland, daalden we snel af richting de kust. We zouden in Umngazi halt houden om uit te rusten en wat te eten. De middagpauze werd in een sjiek bungalowpark gehouden. Vreemd om ineens toe te komen in een vakantiedorpje. Je verwacht je niet meteen aan een toeristischer plaatsje wanneer je net wat in de bush gelopen hebt en uit een Xhosa-dorp komt.

Toen we de parking van het bungalowpark, richting receptie, stapten liep het wat fout. Ik liep over een rooster -dat blijkbaar niet echt vast gemetseld zat- en viel erdoor. (zou die zwarte kat van gisteren er voor iets tussenzitten?) Op het eerste zicht leek het niet zo erg maar de wonde aan mijn knie begon na enkele seconden toch stevig te bloeden. Het zag er ineens niet meer zo mooi uit en het begon ook redelijk wat pijn te doen. De gids dacht het ergste en sprak al over een ziekenhuis. Gelukkig hadden we zelf een uitgebreide EHBO-kit mee (met dank aan de papa) zodat we ons genoeg konden behelpen. De “dokter” van het vakantiepark hielp ons met het schoonmaken van de wonde. Hij raadde ons aan om de hike stop te zetten en omdat ik niet deftig kon wandelen heb ik dat advies maar opgevolgd. Redelijk teleurgesteld gingen we dan maar uit het vakantiepark, terug naar Port St Johns.

p1020981-mediumDe rit terug naar de backpackers was een belevenis op zich. We namen voor het eerst een publieke taxi, zo’n minibusje waar 20 Afrikanen op elkaar gepakt zitten. De eerste taxi hield het uit tot wanneer we na een halfuurtje rijden op een geasfaleerde weg uitkwamen. De chauffeur stopte snel even om een reserveband aan te kopen langs de weg. Nog geen 2 seconden later vloog de rechter achterband uit de as. Hup, iedereen uit het busje en op zoek naar een nieuwe taxi. We hadden snel een nieuwe taxi te pakken die ons uiteindelijk aan het marktplein in St Johns afzette. Daar stapten we over naar een ander busje dat het hele dorp doorkruiste. Terwijl het busje vol zat, kwam er nog een gezin (6 mensen) bij, gezellig! Ik hou ervan om de couleur locale op te snuiven maar ik was blij wanneer we in ons hostel aankwamen.

*Xhosa-mensen smeren hun gezicht in met een soort witte klei, tegen de zon.
Net zoals de Zulu’s wonen ze vaak in rondavels, hebben ze een sangoma -plaatselijke dokter- en gebruiken ze veel clicks in hun taal. Voor de rest lijkt het Xhosa helemaal niet op het Zulu en moeten ze niet echt veel van elkaar weten.

Over zulubier en ongewassen voeten.

Zulu-time.

p1020778-mediumZo’n 3 uurtjes rijden in noordwestelijke richting van St.-Lucia ligt Eshowe. Redelijk centraal gelegen in Kwazulu-Natal, het gebied van de Zulu’s. De zuluverhalen van Daryn in St.-Lucia en zijn aanbeveling voor de jeugdherberg in Eshowe hadden ons warm gemaakt voor een uitgebreidere onderdompeling in de zulu way of life. De hollanders Wietske en Douwe dachten er net hetzelfde over en reden in hun eigen auto mee naar Eshowe. Alhoewel zulu-time wil zeggen dat je gerust enkele uren later mag zijn als was afgesproken, gold dat niet voor ons bezoek aan een traditionele genezer of Sangoma.

Sangowa?

Eenmaal aangekomen in de zo goed als verlaten jeugdherberg van Eshowe, kregen we een korte uitleg over de sangoma’s. Zulu’s zien hun sangoma’s als een dokter, priester, psycholoog en familielid. Wij zagen het meer als iemand die vooral veel giften ontvangt en daardoor status krijgt. In het beste geval verdeelt de sangoma de giften aan diegene die ze het meeste nodig hebben. Een soort van ziekenkas dus. We reden een half uur over kronkelige zandwegjes langs erbarmelijke dorpjes waar dan ineens een stenen schoolgebouw tussen staat. De staat heeft toch duidelijk door dat ze moeten investeren in opleiding, een goede zaak!

Hutjespot.

p1020833-mediumEen zuludorp bestaat niet echt. Zulu’s hebben de neiging van hun ronde hutten te bouwen rond de hut van iemand met veel geld en aanzien. Niet zelden is dat ook een familiehoofd. Op die manier onstaan er overal verspreid groepjes van een 10-tal hutten. Tussen die groepjes ligt dan een klein pad dat de vele koeien en schapen ook gebruiken om ‘s avonds terug naar hun ‘stal’ te gaan. Niemand lijkt zich erg te storen aan onze aanwezigheid. De kinderen zijn erg enthousiast dat er blanke mensen langskomen en zwaaien voortdurend naar ons. Al lijkt het soms ook dat ze gewoon hun hand uitsteken om wat centen.

Mambojambomagictime!

p1020839-mediumAls we onze weg vinden naar de grootste hut blijkt de viering al bezig te zijn. Iedereen noemt de Sangoma hier big momma. Big momma is al naarstig bezig met preken en de uitdrijving van kwade geesten. Onze schoenen blijven buitenstaan en we buigen ons eerbiedig een weg naar een klein plaatsje dat ze voor ons hebben vrijgehouden. We verstaan natuurlijk geen Zulu maar onze plaatselijke gids, Gladys, fluistert ons af en toe wel in wat er gebeurt. Meestal is dat steeds weer een ritueel om kwade geesten af te wenden. Hiervoor worden verschillende artefacten gebruikt. Een doekje veegt het kwaad (en zweet) van het gezicht, een houten staf klopt de geesten dood en de rum… tja. De sangoma heeft achter haar een hele winkel aan ‘tovermiddeltjes’ staan. We krijgen muntsnoepjes, een banaan, een shotje rum en dan krijg ik ineens een houten kom sap aangeboden uit een grote ton. Er wordt vriendelijk aangedrongen dat ik ervan drink. Het ziet eruit als roosbruin schuim met brokjes. Het smaakt heel zuur en dan wordt er mij uitgelegd dat het zulu-bier is. Goedkoop en je wordt er snel zat van. Dat verklaart ook meteen de uitgelatenheid van sommige aanwezige zulu’s.

Trance.

Op een bepaald moment zet de koorleider en tevens de zoon van de sangoma een zoveelste lied en en blijft de menigte opzwepen. Het geluid van de drums, het geschreeuw van de koorleider en het ge-lalalalalalalala van de vrouwen brengen de Sangoma helemaal in trance. Hierbij schudt ze met haar hele lijf om daardoor weeral al het kwaad uit de drijven. Toch wel eigenaardig hoe iedereen hierin meegaat. Na de energieke trance volgt iets wat lijkt op een gebed en dan horen we enkele zinnen die ons heel vertrouwd in de oren klinken. En wij verstaan nochtans geen zulu. De kadans en de toon van het gebed laten er geen twijfel over bestaan dat we naar de zulu-versie luisteren van het ‘onze vader’. Dat moet de invloed van de engelse voorttrekkers zijn die lang geleden door zulu-land trokken.

Love & alcohol in the air.

We werden nog vriendelijk aangemoedigd om een kleine talisman te kopen. Aangezien de locals dit ook deden, het maar 10 rand (€1) kost en we ons helemaal niets verplichten, kopen we 2 kleine schildjes gemaakt van koeienleer. Het klinkt als toeristische uitmelkerij maar dat is het hier niet. Als je naar een cultureel disneyland gaat als Shakaland, dan zie je naar het schijnt wel de ene fake vertoning na de andere. Maar in dit dorpje is alles nog authentiek en buiten de maandelijkse groep van een 5-tal toeristen, zien ze hier weinig blanken. Een wel heel uitbundige zulu probeert nogal wat indruk te maken op Kathleen. Het is dan ook heel charmant als één van zijn vrienden stotterig komt melden dat zijn vriend volledig zot is van zo een mooi meisje als Kathleen. Ik kan hem dat moeilijk kwalijk nemen maar toch doet hij lachend een teken dat ik schijnbaar moet interpreteren als ‘wasjout’. Watch out dus. Dat ik maar moet oppassen of ik ben mijn meisje kwijt. We lachen er allemaal eens hartelijk om en de zulu gaat terug zitten om daar nog wat giechelend verder te fantaseren.

Bier en geld = geluk.

Er volgt nog een bedankingsmoment waarop iedereen op zijn knieën aanschuift naar de sangoma. Iedereen vraagt hulp voor kleine of grote problemen of bedankt de sangoma voor bewezen diensten. Dat gaat dan van een mirakel dat er 2 auto’s tegelijk stopten toen er iemand wou liften tot de genezing van een familielid. De sangoma wordt overladen met kaarsen, handwerk en geld. Geld waarvan ze alle briefjes op haar hoed speldt. Een duidelijk symbool van status. We hopen maar dat ze dat kostbare geld niet enkel opbrast aan zulu-bier en rum. Als het onze beurt is, stel ik mijn wens om nog veel zo’n vriendelijke zulu’s tegen te komen op onze reis. Elk van onze wensen wordt op enthousiast applaus onthaald. Dan worden we vriendelijk verzocht de hut te verlaten. De viering zal zonder ons nog enkele uurtjes doorgaan tot vanavond. Waarschijnlijk ligt iedereen dan gelukzalig te kronkelen onder invloed van het zulu-bier.
Het is nog even wachten op de auto dus komen er een heleboel kinderen op ons af met de zotste manieren om aandacht te trekken. Opdat we toch maar weer een foto zouden trekken, waar ze steeds weer kostelijk om moeten lachen.

St-Patricks Day.

Vandaag is het ook St.-Patricks day. De dag waarop heel de wereld in het groen gekleed gaat en Guiness drinkt. Wij (ik, Kathleen, Wietske en Douwe) deden mee in de bar van het hotel naast de jeugdherberg.

Grave mangrove man!

Daryn dat kleine café aan de haven.

Daryn had zich ondertussen al ruimschoots bewezen als uitstekende gids en dus stelden we hem nog wat verder op de proef. We gingen met hem op morning walk. Lijkt banaal maar dat is het niet. Daryn houdt namelijk al eens van een pintje, een amarula nog een pintje en dan nog een 20-tal. En dat heel de dag door. Maar het maakt hem er absoluut niet minder bekwaam of gepassioneerd door. De man spreekt Zulu, beetje Xhosa en weet werkelijk alles over de beestjes en natuur in St.-Lucia. Enkel over de 250 verschillende soorten gras weet hij niet alles. Enkel dewelke je kan oproken. Maar de 536 vogelsoorten en 114 vissoorten kent hij allemaal bij naam. Hij vult die kennis aan met verhalen uit de zulu-cultuur en verhalen over die ene keer dat hij echt veel gedronken had. Nu ik erover denk… Al zijn verhalen beginnen zo. Maar nogmaals, Daryn is echt een enorm goede gastheer en verwent zijn gasten met gratis weetjes, gamedrives en grappige verhalen. Maar ik ging dus schrijven over de morning walk in plaats van reclame te maken voor de BiB’s backpackers.

Uit de voeten.

We vertrokken aan het Crocodile center. Ik had al verteld dat Santa-Lucia vol zat met krokodillen en ander gevaarlijk wild. Het is zelf een big 5 reserve, wat wil zeggen dat er leeuwen, neushoorns, luipaarden, olifanten en buffels zitten. Daryn gaf ons dan ook de deskundige uitleg dat eenmaal we de omheining over waren, we ons aan enkele regels moesten houden. Als we aangevallen worden, klim dan in een boom (tenzij bij een leeuw of luipaard, dan hebt ge sowieso in het pateeke gebeten en de beestjes in u) of ga op de grond liggen, verstopt tussen het hoge gras. Daryn lokt de beesten wel weg en ‘will play with them’. Hij hoopte natuurlijk, net als ons, dat het niet zover zou komen. Bewoners van St.-Lucia zijn het gevaar wel al gewend, er zijn niet minder dan 17 luipaarden gesignaleerd in de omgeving van het dorp. Binnen de omheining van het reservaat (waar luipaarden hun poten aan vegen en er gewoon over springen via de bomen) zitten er nog veel meer. En hippo’s worden regelmatig eens in het zwembad in iemand zijn achtertuin gevonden. Het zal je maar overkomen.

Weetjes over beestjes.

Helaas of gelukkig zagen we geen groot wild buiten impala’s en soortgenoten dan. Maar de morning walk was daarom niet minder interessant. We liepen door de zompige mangroven tot onze enkels in de modder. Leerden over de flashy oranje krabben en de slakken met een aangeboren eb-vloed gevoel. We zagen lepelaars en crocks zwommen wat verder in het meer. En we leerden ook dat zulu’s de geest van hun overledenen vervoeren van de plaats van het overlijden naar de hut van de voorvaders in een stok. Niet verschieten als je dus een zulu met een stok op de bus ziet zitten, het kan familie zijn.

Hiep hiep hippo!

Na de morningwalk nog wat langs het strand en in de jeugdherberg gekuierd. En ‘s avonds op onze dagelijkse hippo-hunting trip! Deze keer wèl met succes! Er liep een hippo in de koplampen en verdook zich na enkele seconden terug in de bush om nog heel de nacht verder te grazen. En als je een baby hoort wenen in de bush, geen paniek, het is maar een bushbaby. Een klein schattig aapje dat niet zoveel voorkomt en zo heet omdat zijn geluid klinkt alsof er een baby huilt. Beetje eng als je ‘snachts in je tent ligt.

Rainy St Lucia

Gisteren zagen we de eerste regen in Afrika. Na de braai begon het wat te druppelen. We kropen nat de tent in en de stortregen hield ons die nacht wat uit onze slaap.

Omdat het vandaag ook een wat grijze, regenachtige dag was, besloten we om er een relax en ‘administratief’ dagje van te maken. Wat schrijven voor de blog dus maar ook wat mails checken, rekeningen nakijken en lezen (ik ben net begonnen aan “In Disgrace” van Coetzee).

Wanneer ik ‘s middags wat geld wil afhalen aan de ATM van De Standard Bank, wordt mijn bankkaart zomaar ingeslikt door de rotautomaat. Erg stom maar wat telefoontjes later is mijn kaart al geblokkeerd en is er geregeld dat er een nieuwe kaart komt overgevlogen in maart.
Gelukkig hebben we ook enkele betaalkaarten op zak dus we moeten niet direct vrezen dat we geen geld kunnen afhalen. Om dat te vieren (en omdat een mens het braaien wel eens beu wordt) geven we meteen wat geld uit aan een uitgebreide vismaaltijd in een restaurantje. Karl krijgt een vrij blubberige calamaressteak op zijn bord en ik krijg een zeevruchtenwrap voorgeschoteld.

In de namiddag en ‘s avonds zaten we bij Wietske en Douwe. Na enkele spelletjes pool werd het weer braaitijd en nadien ging ik samen met de hollanders, enkele duitse meisjes en Daryn naar een cafeetje. Karl bleef in de tent omdat het middageten hem niet goed beviel. In het café stelde Daryn een klein drankspel voor waarbij je vertrouwen in je backpackervrienden op de proef werd gesteld. Je nam een shotje in je mond, legde je tong naar achter (zodat de alcohol dus verzameld werd vooraan in de mond) en nadien stak één van uw reisgenoten de drank in brand met een bricet. De vlam die uit ieders mond kwam was best mooi om zien. Nickelson (Daryn’s Jack Russell) vergezelde ons terug van het café naar de backpackers.

Happy hippo hunting

Met Buffels tussen de buffels.

Bib’s backpackers organiseerde vandaag een gamedrive + snorkelen + braai uitstap richting Cape Vidal. Een tiental euro’s per persoon voor al dat lekkers én unlimited free beers or wine! Genoeg argumenten om in het bakkie (=laadbak) te springen en mee te gaan met de rest van de hostelgasten. Onderweg naar het strand van Cape Vidal een troepje buffels begroet en the usual hippo’s. Op het strand waren de aapjes zo vriendelijk om alle vuiligheid uit het zand te plukken. Tot nu toe nog geen echt agressieve apen tegengekomen dus ik blijf ze voorlopig nog leuk vinden.

Toe ga mee naar snorkelland.

Voor mij was het de eerste keer dat ik zwemvliezen aantrok en het blijkt verdomd lastig om met die flippers overeind te blijven staan. Laat staan te waggelen naar het water. Het snorkelen zelf was maar matig omdat ik het niet aandurfde van ver de zee in te zwemmen. De stroming is hier namelijk gevaarlijk sterk en het is onmogelijk om op dezelfde plaats te blijven staan of zwemmen.

Braai een keer in het rond.

Boerewors is de kruidige variant van onze belgische boerenworst. Samen met een broodje en een hardgekookt eitje een lekkernij waar de aapjes gapend naar keken. Aan tafel werden we nog wat gestoken door beestjes en kwamen we te weten dat de 4 hollandse meisjes tegenover ons in Pretoria gewapend overvallen werden in hun verblijf en vastgebonden werden terwijl de niet al te snuggere overvallers de helft van hun waardevolle dingen vergaten.

Hippohighway.

Met wat omwegen keerden we terug richting jeugdherberg maar niet zonder eerst een wandeling langs een meer te maken. Niets bijzonders lijkt het, ware het niet dat het meer krioelde van krokodillen en hippo’s. Spannend en vooral ook leerrijk en geestig. Een beetje verder nog een eenzame witte neushoorn gespot, weer wat buffels en uiteraard massa’s zebra’s en een verscheidenheid aan antillopen.

Zuludancing.

Tijdens het avondeten werden we verrast door een groepje meisjes die kwamen dansen. Het bleken weesjes te zijn uit een nabijgelegen weeshuis die hier elke week kwamen dansen. Onze eerste echte kennismaking met wat zulucultuur. Beetje vreemd en ongemakkelijk maar wel eerlijk (niet enorm fake toeristisch) en leuk.

Mlilwane

Swaziland is erg verschillend van het Zuid-Afrika dat we tot nu toe bezocht hebben. Gisteren reden we het land binnen en volgden we een geasfalteerde weg die als een hoofdader heel Swaziland doorkruist. De mensen die we op onze weg tegenkomen zijn erg vriendelijk. Alle tanden die ze hebben lachen ze bloot. Iedereen lijkt erg behulpzaam en oprecht.
De omgeving is onbeschrijflijk. Alles ziet er erg vruchtbaar en groen uit. Terwijl we door het glooiend landschap rijden, zien we ook veel armoede. Verkrotte rondavels (niet de mooie hutjes vanuit het Krugerpark maar echte krotten), vuil dat rondslingert tussen de verschillende hutten, verloederde winkels, gescheurde kleren enzovoort. Het lijkt alsof Swaziland pakken armer is dan Zuid-Afrika. Het valt op dat er veel kinderen en jongeren op straat lopen. Ik zie weinig oudere of bejaarde mensen. Dat is waarschijnlijk te wijten aan het enorme aidsprobleem waarmee het land kampt. (Swaziland kent nog alijd het grootste percentage aidsgevallen ter wereld) Mensen worden wel bewust gemaakt, zo loopt er een campagne die aanspoort om je op aids te laten testen (What’s your status?). Daarnaast worden er ook oa aan de grenspost gratis condooms verdeeld. Da’s een vooruitgang, denk ik.
Het is een vreemd, beetje genant gevoel om door een land te rijden dat enerzijds een ongelooflijke natuurlijke rijkdom bezit en anderzijds ongelooflijke armoede kent.

Even verder over onze trip: deze ochtend vroeg wakker geworden van een groepje luidruchtige indiërs die in het hostel logeerden. Dan maar meteen ook vroeg uit bed gerold, rugzakken gepakt en naar Swazi Trails gestapt om ons te bevragen voor een dagje raften. Dat bleek al snel vrij duur te zijn (=850 Rand). Omdat het geen noodzaak was om een hele dag te raften en omdat zowel Thomas als wij het een te dure activiteit vonden, zijn we doorgereden naar Mlilwane Wildlife Sanctuary.

We werden enthousiast ontvangen in het wildpark. Aan de receptie maakten we ook kennis met Caroline, een Canadees meisje dat op zoek was naar een lift tot in het natuurreservaat. Na betaling van de inkom werd het dus een gezellige boel in onze kleine Kia: Thomas, Caroline, Karl en ik reden richting het main camp. Tijdens de rit leerden we elkaar wat beter kennen. Caroline vertelde dat ze in Quebec woonde en ze nu enkele maanden alleen rondtrok. Ze had Tanzania al bezocht en na Zuid-Afrika vloog ze door naar Maleisië. Nadien zou ze nog liftend door Canada naar huis trekken. Tijdens haar reis droeg ze een trouwring, puur uit veiligheid. Als mensen haar vragen stelden over haar reis of wanneer mannen opdringerig werden, hing ze een verhaal op over haar echtgenoot waarmee ze samen verder zou rondtrekken. Benijdenswaardig dat zo’n (fragiel) meisje enkele maanden alleen rondreist.

Bon, eenmaal aangekomen in het main camp besloot Caroline een paardentocht door het reservaat te maken. Thomas, Karl en ik gingen ons ondertussen installeren in Sondzela backpackers, een prachtig gelegen hostel met een supervriendelijke uitbater. We zetten ons tentje op en gingen nadien nog even zwemmen. In het van tonnen chloor voorziene zwembad leerden we nog een Hollands koppel kennen, Douwe en Wietske.
Na het middageten zochten we Caroline terug op in het main camp omdat we samen nog een 6uur durende hiking trail zouden doen naar de Execution Rock. Rond 1u30 vertrokken we te voet door het wildpark. Na een halfuurtje gaf Caroline op omdat ze geen goeie stapschoenen aanhad. Thomas, Karl en ik trokken dus alleen verder onder de felle zon richting Execution Rock. Tijdens de tocht klommen we vaak legergewijs over enkele afsluitingen. De laatste klim voor aankomst bij de top van de berg was uitputtend. Het was heet en we waren maar van enkele liters water voorzien, niet zo slim.
Onderweg moesten we ook een kleine waterloop over. Toen we ons aan de oversteek wilden wagen werden we opgeschrikt door een vettig geluid dat niemand van ons kon thuisbrengen (stadsmensen, tja). Er zat iets in het water en het leek zich naar ons te bewegen. Na enkele minuten twijfelen en steentjes werpen (als test), zijn we alledrie maar snel overgelopen. We waren allemaal erg blij dat we het gered hadden tot aan de andere kant. Na wat puffen kwamen we uiteindelijk boven aan de Execution Rock. We werden beloond met een enorm mooi uitzicht over Mlilwane en Swaziland. Nadat we genoeg uitgerust waren begonnen we aan de afdaling, terug naar het main camp. Rond 5u30 kwamen we aan en daarmee hadden we de trail redelijk snel afgelegd.

Eens terug in Sondzela namen we een douche en nadien schoven we bij aan de tafel, samen met de rest van de backpackers. We kregen een typisch afrikaans gerecht voorgeschoteld: meelpap, sla en braai (of alleszins gegrilled vlees). In de bar zaten we nog gezellig te praten met enkele mensen uit Texas, de Nederlanders en Thomas. Uiteindelijk kropen we redelijk vroeg in bed omdat we kapot waren van het hiken en ook om dat we morgen alweer een pak kilometers moeten afleggen. Op naar Santa Lucia!

Van Swazi naar Zulu, van de bergen naar de kust

Uit de struisvogelveren.

Opgestaan met het prachtige uitzicht waar ons tentje staat in Sondzela backpackers in het natuurpark in de Ezulwini valley in hartje Swaziland. We hadden deze ochtend afgesproken met ons reisgezelschap Thomas uit Parijs. We kregen er nog het gezelschap bij van de eerste struisvogel die we in Afrika zagen. Die liep wat rond de kampvuurplek om de restjes van ons avondeten gisteren uit de potjies te pikken. Hij mocht meerijden met ons tot in Santa Lucia aan de Indische oceaan (Thomas dus. De struisvogel hebben we in Sondzela gelaten).

Op de grens van onbegrijpelijk.

De weg was lang en de grenscontroles onbegrijpelijk en nodeloos ingewikkeld. Ik doe een poging om de administratie te beschrijven.
Eerst parkeren we de auto waar er plaats is tussen de bottlestores en de bakkies (pickuptrucks). Dan aanschuiven voor een loketje zonder airco om een kruisverhoor te krijgen wat we allemaal leuk vonden aan Swaziland. De loketbediende vroeg ook nog onze swaziland-gatepass. Dat bleek een klein papiertje te zijn dat we moesten krijgen van de mevrouw die buiten het kantoor aan een tafeltje zat. Vlug gaan halen terwijl de man onze passports nakeek. Na het verhoor en de gatepass kregen we onze stempel en mochten we doorrijden naar… de tweede gate.
Onze auto neergezet tussen de andere autos vlak voor de gate. Blijkbaar moesten we wéér een gatepass hebben. Maar nu eentje van Zuid-Afrika. Het loket was vlak naast de gate en het enige dat ze doen is een papiertje afstempelen waar niets nuttigs op staat. Dat papiertje moet je dan laten zien aan de gatebediende. Thomas had bovendien ook nog wat problemen met zijn dure fotocamera. Een bediende begon er allerlei vragen over te stellen en eiste dat de camera gedeclareerd werd aan de douane. Bovendien werd nu ook onze koffer snel doorzocht (gelukkig bleven ze uit onze rugzakken). Na wat vijven en zessen kregen we toch nog clearance om door te rijden, Zuid-Afrika binnen.

Crocks on the beach.

Wat stretch-, tank- en eetstopjes later kwamen we rond 17u aan in BiB’s backpackers in Santa Lucia. Hier werden we opgevangen door Daryn, een ietwat verwaarloosde hippie die ons vriendelijk incheckte en rondleidde. Hij stelde gelijk ook voor om samen met hem en wat anderen naar het strand te rijden voor de zonsondergang. Wij besloten die afstand te voet af te leggen. We stapten richting beach toen het bakkie van Daryn ons inhaalde en we alsnog achterin sprongen. Ook al omdat het al avond begon te worden en er in het gebied in en rond het dorp dan nijlpaarden beginnen rond te lopen. We genoten van het machtige uitzicht over de kust en het St.-Lucia Estuary dat er vlak voor ligt. Het water van de kust is gevaarlijk door zijn enorme riptide stroming die je zo de zee insleurt. Het water in het estuary zit vol krokodillen en nijlpaarden. En die deden ook geen moeite om zich te verstoppen. We kwamen Daryn en zijn gezelschap tegen in de Ski Boat Club en keken samen met een pintje in de hand naar de crocks, de hippo’s en de sunset. Schoon schoon schoon!
Daryn gaf ons een lift terug in zijn bakkie en in de backpackers sloten we de dag af met biertje en pingpong.

Van Skukuza naar Ezulwini.

Onze laatste dag in het Kruger park.
Ideaal om dus eens wat later (7 uur) op te staan en een ochtendduik te nemen in het zwembad. Zalig verfrissend met de 30 graden die we maar moeilijk gewoon kunnen worden. De laatste dag ook om de beruchte Big Five te kunnen zien (neushoorn, leeuw, buffel, luipaard en olifant). Een leeuw hebben we slechts van enorm ver kunnen zien. En een luipaard helaas nog niet.

Luipaardjacht.

In alle stopplaatsen en camps zijn er kaartjes te vinden waar iedereen kan aanduiden waar er gisteren en vandaag beesten zijn gespot. Zeer handig als je absoluut nog een dier wil zien. Helaas is er geen enkele garantie dat ze daar nog zitten als wij er toekomen. We hebben fantastisch vergezichten gezien, veel beesten, een redelijk gevaarlijk dichte ontmoeting met een mannelijke eenzame olifant en lekker met onze KIA door de grindwegen geploeterd.

We hebben nog enkele uren hopeloos gezocht naar een luipaard maar helaas… We zijn één van die mensen die de big five niet gezien hebben. Tis te zeggen… nog niet! We gaan namelijk nog parken bezoeken waar die beestjes te zien zijn.

Naar Swaziland.

De weg vanuit Kruger naar hartje Swaziland was lang maar adembenemend mooi! Het oorspronkelijke plan was om te overnachten in Sondzela backpackers in Ezulwini (Swaziland) maar die backpackers lag in het natuurreservaat zelf en dat sloot om 17u al zijn deuren. Noodgedwongen belandden we dus in Legends backpackers, op enkele kilometers van het wildpark. Aan de receptie vernamen we dat we de kamer deelden met een zeker Thomas uit Paris. Hij scheen te zijn gaan eten in het restaurant op 300 meter van de backpackers hostel. En dat leek ons ook een goed idee. We dachten snel kennis te maken met onze roommate maar toen bleek dat heel dat restaurand vol Fransen zat. Toen de meest waarschijnlijke Thomas passeerde spraken we hem aan met: Thomas de Paris? Hij verschoot zich natuurlijk dat in hartje Swaziland iemand zijn naam roept. We maakten wat kennis en het klikte goed. Na wat overleg besloten we hem morgen mee te nemen naar de Sondzela backpackers.

Walking with rhinosaurs

Zonsopgang tussen de beesten.

Wekker rond 4 uur ‘s ochtends… tis eens wat anders. Met het vooruitzicht op een morning walk door het Kruger park raapten we onszelf bijeen richting verzamelpunt. We bleken slechts met 2 te zijn, samen met de gids (dezelfde van de sunset game drive gisteren), een andere ranger en een ranger in opleiding. Dus met vijf in totaal waarvan twee gewapend met een rifle. Je krijgt wel waar voor je geld met zo’n walk. Eerst een drive naar de wandelplaats. Wat dus eigenlijk ook al een game drive is waar we weer heel wat beesjes zagen. De wandeling begon met duidelijke instructies: When there’s an animal charging, go stand behind us or hide behind the bushes. But do NOT run away! Walk in a single line and try to be quiet. En ik die net van plan was een leeuw zijn haar te kammen.

Up, close and personal met een neushoorn.

Buiten de ‘usual’ impala’s kwamen we niet zoveel beestjes tegen. Maar we kregen wel uitleg over sporen en dierenmanieren. Tot we plots een troep olifanten in de gaten kregen. Zij hadden ons ook gespot en volgens de gids was het veiliger om in een wijd boogje rond de kolossen te lopen. Ze volgden ons nog een tijdje, maar daarna zijn we ze kwijtgespeeld. Niet veel later zag Woosy (zonder zeveren, dit was de weinig geruststellende naam van onze ranger) een neushoorn en dus zei hij: Let’s get closer! En zodus beslopen we met bonzend hart de grijze killing machine. Gelukkig voor ons hebben die beesten enorm slecht zicht en konden we tot op zo’n 30 meter naderen. Het lijkt op een bezoek aan de zoo tot je beseft dat er geen hek tussen uzelf en de beesten staat. De tocht van 3 uur werd afgesloten met nog wat uitleg over wevervogels (mijn totem bij de scouts, dus ik voelde mij een beetje thuis) en een ongevaarlijk spinnetje van 10cm.

Kruger-cruising.

Na de morning walk gingen we zelf weer op self-drive safari van het Olifants camp richting Skukuza camp. We zagen weer ontelbaar veel beesten waaronder een kameleon, bavianen, kudu’s, impala’s, nyala’s, springbok, waterbok, zebra’s, bergschildpadden, gnoe’s, giraffen, olifanten, wrattezwijnen, nijlpaarden en een baobab. Die laatste is een boom die volgens de legende door de duivel ondersteboven werd gezet nadat God hem had geplant. Met mijzelf zigzaggend tussen de putten op de grindwegen, ben ik nogal stomweg tegen een iets te harde struik gereden met wat krassen op onze KIA Picanto tot gevolg. Ideaal om onze verzekering eens te testen.

Voor mijn collega’s in Brussel: ‘s avonds at ik koedoe-steak met Sheba-saus… don’t ask! De candlelight en waanzinnige sterrenhemel maakten veel goed.

‘Krugermaargeengenoegvan!

Vandaag vroeg uit de veren. Rond 6uur stonden we aan de Phalaborwagates van het Krugerpark. Hier kochten we een wildcard die ons toegang geeft tot alle wildparken van Zuid-Afrika, kwestie dat we daar vanaf nu geen inkom meer voor moeten betalen.

P1020288 (Medium)

Het ritje door Kruger begon rustig (max 50km/u) maar na een half uurtje kregen we toch al een beetje Buffels en Zebra’s te zien. We hebben nijlpaarden op 20 meter ver in het water zien liggen en ook nog wat bergschildpadden om nét voor de ingang van het Olifants restkamp nog een Giraf tegen te komen die mooi poseerde met het kamp op de achtergrond. De middag en vroege namiddag bleven we in het kamp om wat te bekomen en te genieten van het fantastische zicht over de Olifantsrivier met daarbij een troep olifanten en een familie Nijlpaarden.P1020262 (Medium) Rond 16u30 gingen we mee voor een 3 uur durende ‘sunset drive’. De zonsondergang tegemoet rijden met een neushoorn langs de truck… Zalig! Ook nog een hyena met zogende kleintjes, veel impala,s, een familie olifanten waarvan het kalf wel heel fotogeniek op een 5-tal meter van de truck kwam eten. Toen het donker werd, werden er enkele zoeklichten aan de passagiers gegeven om als een rijdende discobal beestjes te spotten. Als extraatje kregen we nog wat uitleg over de heldere sterrenhemel. Nog snel wat pasta klaargemaakt in onze bungalow en dan ons nest in. Morgen vroeg op voor de morning walk.